Argentinië 1

Dinsdag 9 november
Om 7.15 uur rijden we de bus de parkeergarage uit. Een beetje spannend vinden we het wel. Op de plattegrond zien we dat het niet moeilijk is om de stad uit te komen, maar in de praktijk kan dat anders uitvallen. Marijke leest kaart, ik rijd en samen komen we zonder problemen op de autoweg naar Patagonië.

Ons eerste doel is  Mar del Plata. We rijden dwars door de pampa’s, en we besluiten bij Las Armas de binnenweg naar Pinarmar te nemen en van daaruit langs de kust naar Mar del Plata te gaan. Even weg van de autoroute.

Overal zien we de langs de kant van de weg kleine rode huisjes met rode vlaggen  ter verering van Gaucho Gil, de Argentijnse Robin Hood.

Hij deserteerde uit het leger, dook onder in de moeraspampa, beroofde rijken en verdeelde zijn buit onder de armen. Vlak voor zijn onthoofding liet hij de chef  van de politie weten dat zijn zoontje op sterven lag en geholpen moest worden. Gil werd onthoofd en de politieman ging naar huis en trof zijn zoontje doodziek aan, maar was op tijd om hulp in te roepen. Het jongetje genas en sindsdien wordt Gil in Argentinië vereerd als een heilige en worden bij zijn ‘monumentjes’ allerlei offergaven gebracht.

In Mar del Plata gaan we naar de vissershaven. We parkeren de camper en direct lopen mensen rond de auto om de kaarten te bekijken. Als we bevestigend antwoorden op hun vraag of wij al deze landen hebben bezocht, krijgen wij een waarderende duim omhoog.
Aan de kade liggen de houten vissersboten met hun grote rieten manden keurig in het gelid.

Zeeleeuwen proberen te genieten van de zon maar worden daarbij geplaagd door blaffende honden die wel wat actie willen zien. Ze bereiken dat de zeeleeuwen zich in verticale positie bewegen.
De viswinkels aan de kade verkopen – zou je denken – verse vis, maar de wat troebele oogjes van de vissen doen anders vermoeden.
Rond 6 uur zijn we op camping El Durazno in Miramar. Het stormt en we hebben geen zin om te koken. Daarom besluiten we onze reeds gekookte langoustines koud op te eten.
Maar  ’s nachts merkte Marijke dat ook deze schaaldieren niet vers waren …

Woensdag 10 november
Over een lange weg, recht door de pampa leggen we de 730 kilometers voor vandaag af. Verkeer is er nauwelijks, wind des te meer. En zover ons oog reikt vlakten met kleine lage struiken. Hier en daar schapen, paarden en herten. Op 100 kilometers geen huis, geen schuur en ook geen mensen. De pampa is zo groot als heel Frankrijk, eindeloos.

Omdat we deze avond vrij zullen kamperen verzamelen we bij de plaatselijke VVV in El Condor. Een zeer klein dorp met een mooie baai. Op het terras van het gesloten toeristenbureau zetten we onze tafels en stoelen neer, en gaan met de drie reeds gearriveerde stellen borrelen in afwachting van de anderen. Dit soort dingen kunnen omdat je alle benodigdheden bij je hebt.

We overnachten op de punt van de rots , met schitterend uitzicht over zee en we zijn niet alleen. De grootste kolonie papegaaien van de wereld is hier te vinden,  en het is een lawaai van jewelste.

ar-1011-t048De beestjes zijn een en al actie in hun streven hun kroost van eten te voorzien. Als we naast dit boeiende gebeuren ook tot slot nog een stralende sterrenhemel krijgen is dit weer een van de dagen met een gouden randje.

Donderdag 11 november
We zijn vroeg op en maken een korte wandeling langs de rotsen. Het is zonnig maar koud. Onze kachel laat het afweten. We hebben problemen met onze camperaccu. De koelkast doet het alleen tijdens het rijden en als we elektriciteit hebben. Vervelend omdat we aan het begin van onze reis zitten. De accu is pas anderhalf jaar oud en we zijn bang dat er ergens in de elektronica iets niet goed functioneert. Het is al onze derde accu in de laatste vijf jaar. We weten nog niet hoe we dit kunnen oplossen. Op de eerstvolgende rustdag gaat Michel er naar kijken.

Península Valdés is ons volgende ankerpunt. Op dit schiereiland leven tussen oktober en maart duizenden zeeleeuwen, zeeolifanten en dolfijnen. Ook wordt dit stukje zee door 800 walvissen gebruikt als kraamkamer voor hun kalveren. Dit stukje ongerepte natuur  van 3700 vierkante meter wordt beschermd door Unesco. In het gebied ligt het dorpje Puerto Piramides, van hieruit vertrekken de boten en catamarans voor de ‘whalewatching’.

We staan met onze campers op de kade van het haventje met magnifiek uitzicht op zee. Er staat een harde wind en het stormt flink. We vragen ons af of morgen onze boot wel zal uitvaren. Die nacht danst onze camper op de kade. Als we ‘s morgens uit het raampje kijken zien we dat alle campers het zeil gestreken hebben. Iedereen heeft in de loop van de nacht zijn bed naar beneden verplaatst en het dak gesloten.

Vrijdag 12 november
De zee is rustig en we kunnen zonder problemen uitvaren.

    

Gehuld in zwemvesten stappen we als michelinmannetjes in de Zodiac, benieuwd of we meer zullen zien dan de ene vin van onze IJslandse walvis.

En dan gebeurt het ongelooflijke … ineens is er aan alle kanten leven in het water. Dolfijnen springen bij onze boot omhoog, walvissen met hun jongen op de rug glijden sierlijk door het water. Ze zwemmen zo dicht langs en onder de boot door dat het lijkt op een plagend spel. We kijken ademloos, dit hadden we niet verwacht. Een anderhalf uur durend schouwspel vol met hoogtepunten. We raken er niet over uitgepraat.

ar-1011-t130

Na afloop maken we een groepsfoto voor de boot en rijden we door naar Puerto Madryn.
De wegen zijn over het algemeen uitstekend. Er wordt ook veel tijd besteed aan het onderhoud van het wegdek. We moeten wel wennen aan alle drempels en uithollingen in de straten van dorpen en steden. Ze hebben een omvang die er niet om liegt en een moment van onoplettendheid geeft een tijdelijke gewichtsloosheid. Ieder van ons heeft dit al meegemaakt.

Een ander fenomeen is het eenrichtingsverkeer. Dit wordt niet door borden aangegeven. Aan de neuzen  van de auto’s in de straat kun je zien of je goed zit. We hebben enkele keren neus aan neus gestaan. Maar de Argentijnen zijn aardige mensen en vergeven je deze fouten.
De stoplichten zetten ze niet op de hoek van de straat maar over de kruising heen, ook dat is even wennen. Langzaam raken we ingeburgerd.
We overnachten op een camping aan de rand van Puerto Madryn.

Zaterdag 13 november
We blijven hier een dagje staan zodat we kunnen douchen, wassen en het verslag bijwerken.

Zondag 14 november
We internetten  op een bankje aan de kade van Puerto Madryn.  En vervolgen dan onze kustweg naar het zuiden. In Trelew, een stadje opgebouwd door Engelsen en Italiaanse immigranten bezoeken we het boeiend ingerichte paleontologisch museum, en rijden even landinwaarts naar Gaiman, een plaats vooral bekend door zijn Engelse theehuizen.

Uiteraard willen we wel een “English tea” proberen en komen terecht in een prachtig aangelegde Engelse tuin met rozen, met daarin verscholen een Engels theehuis. Bij binnenkomst straalt prinses Diana ons van alle hoeken tegemoet. Ze heeft in deze uithoek ook een kopje thee genuttigd en daar is  door de eigenaresse handig op ingespeeld.

We ontwaren in een hoekje een tafel vol allerlei gebak met daarachter Karin en Wim.  Zij staren enigszins verbijsterd naar de overgebleven hoeveelheden terwijl ze de helft al genuttigd hebben. Dit gaat onze capaciteit te boven en thee zonder gebak is hier geen optie, dus druipen wij af.

Op loopafstand van het theehuis ligt onze camping. Het is een drukte van belang. Juist vandaag wordt  er een gauchofestival gehouden. De cowboy’s meten hun vaardigheden te paard met elkaar.

Politie en de ambulance zijn ter plekke om precaire situaties het hoofd te bieden. Voor ons zorgt dit schouwspel voor veel afwisseling, omgekeerd geldt dit ook.

          

‘s Avonds hebben we een korte briefing rond het kampvuur. Iedereen is vroeg onder zeil.

Maandag 15 november

Na een spontane ochtendoefening met de door Karin verschafte rekbanden – de conditie moet tenslotte op peil blijven – gaan we richting Punto Tombo om honderdduizenden broedende Magalhaen pinguïns te zien. Eind augustus, begin september komen de mannetjes aan wal om nesten te maken of hun oude nesten op te zoeken. Het zijn zeer sociale en geëmancipeerde beestjes, de mannen en vrouwen bouwen samen de nesten, broeden om beurten de eieren uit en gaan samen op voedseltocht. Wat een rolverdeling!
Na 85 dagen hebben de kleintjes alles geleerd om in zee en land te overleven en vertrekken alle pinguïns weer naar zee. En volgend jaar begint de cyclus weer opnieuw.

ar-1110-t355

Via loopbruggen slaan we het gebeuren gade. De wandelpaden zijn afgesloten en onze geplande wandeling tussen de pinguïns  gaat niet door. Daarom rijden we door naar Camarones.

Een gehucht aan zee met een Madurodam-haven, een jaren vijftig winkel en zowaar een camping. Vermeldenswaardig is dat hier het  geboortehuis van Peron staat waarin nu een klein museum is gevestigd. In het plaatselijke restaurant eten we met zes mensen lekkere vis en hebben een genoeglijke avond.

Dinsdag 16 november
Als hoofdlijn volgen we steeds de route 3 naar het zuiden. In Comodora Rivadabia slaan we onze boodschappen in voor de gezamenlijke barbecue. De camping in Rada Tilly heeft bij elke camperplek een barbecue staan. Met de eigen bijdragen van iedereen, maar vooral de Chimichurri van Sonja, wordt het een gezellige  avond.

We krijgen van Michel onze Garmins terug met daarin de nieuwe kaarten voor de komende week. Deze service krijgen we elke week.

Woensdag 17 november
De morgen besteden we aan het werken voor de site en daarna gaan we de anderen achterna.

ar-1110-t295De Patagonische vlakte wordt afgewisseld met heuvels en zoutmeren. En zo nu en dan zeezichten. Aan het einde van de middag wordt asfalt gravel en stuiteren we via een mooie route naar Bosques Pertificados, een versteend bos van 150 miljoen jaar oud.

Niet voor te stellen dat op de plek waar we nu staan, ooit een groot bos met woudbomen stond. Bij zonsondergang lopen we met ons tweeën in dit immense landschap. Geen geluid, geen mensen. Een gebouwtje en onze bus en verder niets zover we kunnen kijken. Indrukwekkend. In de avondzon geven de stenen allerlei kleuren af en de versteende bomen in hun nuances zwart leggen de accenten in het landschap.

Midden in dit natuurpark staat een kleine ‘estancia’ met campingfaciliteiten, nou ja faciliteiten….: er zijn een paar toiletten, sommigen met gordijn anderen zonder. Vanuit het open toilet kun je gezellig keuvelen met diegene die zijn tanden poetst. The Roman-way, maar voor ons even wennen.
Het echtpaar van camping Paloma is zelf ook niet omringd met luxe. Hun jaren vijftig inrichting  voldoet in 2010 nog prima. Hun hele bestaan draait om generator en vee. Ver van de bewoonde wereld houden zij zich staande.

De ligging is echter bijzonder. We worden ‘s morgens wakker tussen de vrij rondlopende paarden. Ruimte heeft Argentinië in overvloed. De contrasten met Nederland zijn groot.

Donderdag 18 november
We zijn weer terug op de route drie. Om ons heen vele gouanaco’s, struisvogels en zoutmeren. Honderden kilometers zonder verkeer en in het midden van deze vlakte ligt dan weer een tankstation van YPF met internet.
In Puerto San Julian staan we op Camping Municipal aan zee. Een zeer goede camping met verwarmde douches. Bij deze kou en harde wind een heerlijkheid.
Henk en Geertje bezoeken het plaatselijke ziekenhuis. Daar wordt bij Henk een peesschedenontsteking geconstateerd. Met injecties, medicijnen en enkele dagen rust moet het probleem weer hanteerbaar worden.
Op de kade van San Julian ligt een replica van het schip waarmee Magalhaes in 1520 voet aan wal zette. Met veel fantasie heeft men het dagelijkse leven op het schip uitgebeeld.

 

We zijn blij te kunnen concluderen dat wij toch liever met ons busje en over land de avonturen tegemoet gaan.

Vrijdag 19 november
Michel en Sonja hebben voor ons nog een boottocht gearrangeerd en nu kunnen we, in tegenstelling tot in Punta Tombo, vrijuit tussen de broedende pinguïns lopen.

Bij sommigen zijn de eieren al uit gekomen en kunnen de jonkies soms heel even naar buiten kijken als moeder een vleugel optilt. Zeemeeuwen, aalscholvers en een enkele witte Zuid-Amerikaanse stern landen en stijgen al of niet met voedsel uit zee. En wij wandelen rustig tussen al deze bedrijvigheid heen.

     

‘s Middags halen we de hele auto leeg en hebben met Michel en Edwin naar het probleem  van onze accu gekeken. Inmiddels waren er ook al enkele mailtjes verstuurd naar onze expert op de achtergrond Gerard.

De conclusie is dat iets de accu langzaam leeg trekt, we geen apparatuur hebben om dat hier uit te zoeken en dat de enige oplossing is een nieuwe accu te plaatsen. Maar die is hier niet makkelijk te vinden omdat het een gel accu moet zijn. Onze hoop is gevestigd op Ushuaia, omdat boten nog al eens gebruik maken van gel accu’s.

              

Het is in onze bus een paar graden boven nul en bibberend zitten we aan onze koude rode wijn. Soms is reizen afzien.
En dan is Marijke ook nog naast haar schoenen gaan lopen omdat beide zolen loslieten. Dus ook op zoek naar nieuwe schoenen. Dit bleek een fluitje van een cent in San Julian! Voor een leuke prijs heeft Marijke in een allerhande winkeltje stevige bergschoenen gekocht.

Zaterdag 20 november
Vandaag bezoeken we het nationale park Monte Leon.
De route 3 wordt glooiender. We turen naar struisvogels die in grote getale aanwezig zijn maar door hun grijze schutskleur nauwelijks in het landschap opvallen. Op de rechte stukken vangen we zeer veel zijwind en regelmatig worden we naar het randje van de weg geblazen. Hoe kunnen mensen hier leven met altijd wind om je heen?

Om in het nationale park Monte Leon te komen moeten we de gravelweg op. Een prachtige route, veel tafelbergen, mooie belichting. Met een beetje fantasie kun je in bergen een leeuwenkop ontdekken. De hoek waar de zeeleeuwen zitten is vanwege de zeer harde wind gesloten. Als wij op de kliffen staan worden we weggeblazen en zijn we blij dat we met ons gezandstraalde gezicht veilig in de auto zitten.
De kampeerplaats is op een uniek punt. Maar de wind, inmiddels op stormkracht, laat geen uitstaande daken toe. Met spijt keren wij deze mooie plek de rug toe en rijden naar een volgend gps-punt voor een camping waar wij wel het dak omhoog kunnen zetten. De rest overleeft met gesloten dak de storm en zijn getuigen van een mooie zonopkomst.

Inmiddels zijn wij, maar ook Tom en Carla op het door Sonja en Michel aangedragen waypoint beland en brengen de nacht door op een met populieren omgeven sappig weiland. Na een gezellige gezamenlijke borrel koken we ieder ons eigen potje. Bij een blik uit ons raam zien we bij de buren wel verdacht veel ravioli in het gras liggen in plaats van op het bord. Daar is kennelijk iets mis gegaan…

Zondag 21 november
Als wij wakker worden zijn de voorbereidingen voor de zondagse assado al in volle gang. Ontvilde schapen en grote dozen met tomaten liggen te wachten op gebruik. Overal worden de barbecues  aangestoken en wij worden vriendelijk verzocht het sappige weitje te verlaten. De campingbaas heeft nog een andere plek voor ons in petto waar we straks met alle campers kunnen staan.

Wij gaan nog bij de Carrefour onze zondagse boodschappen doen, internetten, en eten heerlijk lamsvlees in een restaurant.
Maar ‘s avonds moet er weer opnieuw gekookt worden omdat er morgen een voedselcontrole op ons wacht. De ene keer mag er geen fruit en groente vervoerd worden de andere keer geen vlees en melkproducten. We geven soms iets af, de andere keer verstoppen we iets en op deze manier rollen wij door de voedselcontroles heen.

Op onze camping worden in het begin van de avond kinderen met slaapzak en luchtbed door de ouders afgeleverd. De hele avond door horen we kinderstemmen die enthousiast aan de spelletjes meedoen die de leiding voor hen heeft bedacht. Wij zitten nu al in onze camper zonder verwarming te vernikkelen van de kou. Hoe zal het deze kinderen vannacht vergaan?

In de loop van de avond komt Wim voorbij met een theeblad op schouderhoogte en daarop de schone afwas. Als een volleerde ober schoot hij voorbij, wij meteen onze deur open en twee cognac besteld. Even later gaat onze deur open en worden er twee wisky’s op het dienblad geserveerd. We kwamen niet meer bij van het lachen. We hadden al tegen elkaar gezegd: “Wim is in staat om met het  gevraagde langs te komen.” Ondanks de lekkere whisky hebben we slecht geslapen. De kinderen waren te actief.

Maandag 22 november
Vandaag passeren we de grens met Chili. We moeten een klein stukje door Chili om in het Argentijnse deel van Vuurland te kunnen komen. De weg is onverhard, Chili is niet van plan te asfalteren daar alle mensen het grondgebied van Chili alleen gebruiken als transit op weg naar Ushuaia.

Het landschap is verassend anders. Veel meer groene weiden, zelfs gebieden met bomen en het geheel doet meerderen van ons aan de Schotse Hooglanden denken. Aan de grens is het een drukte van belang.
Chiel attendeert ons op een langzaam leeglopende achterband. Met behulp van Michel pompen we de band op en hopen dat dit niet ook problemen gaat geven. Uren staan we in de koude gure wind te wachten op onze beurt. Ondanks een rondje kaas en aftereight van medereizigers slaken we een zucht van verlichting als we eindelijk in het warme kantoortje zijn beland. De procedure loopt redelijk gesmeerd er zijn alleen teveel mensen op dezelfde plek.
Met de veerboot steken we de “Estrecho de Magallanes” over. De ruwe zee verhindert de dolfijnen niet om gezellig op de golven voor, onder en naast onze boot mee te zwemmen.

In Cerro Sombrero overnachten we bij hotel Tunkelen. Wij hebben even genoeg van de kou in onze camper en nemen een warme hotelkamer. Het eten wordt voor ons klaargemaakt en de enige taak die ons na het avondeten wacht is het vastzetten van onze kunststoffen ruiten. Zo hopen we met ongeschonden ramen Mexico te halen. Afhankelijk van de weg plakken we onze ramen met duck tape erop of halen ze eraf.

Dinsdag 23 november
We zijn vandaag de Argentijnse grens gepasseerd en rijden door Vuurland op weg naar het einde van de wereld. De grensactiviteiten vallen gunstig uit en om 12 uur kunnen we al doorrijden naar Ushuaia. Aan het einde van de middag zijn we op onze plaats van bestemming.

        

De camping heeft een grote warme ruimte waar je kunt eten en internetten. We zitten direct achter de computer om met Gerard te overleggen hoe we uit onze accuproblemen komen. We krijgen nog enkele aanwijzingen waar we bij het kopen van een accu op moeten letten. Van campercentrum op onze mail van afgelopen zaterdag hebben we nog niets gehoord.

Woensdag 24 november
Vandaag met de boot door het Beaglekanaal. Het is koud maar zonnig weer. In een luxe boot met panoramazicht worden we naar de mooiste plekken gevaren waar we tegen de achtergrond van besneeuwde bergen zeeleeuwen, aalscholvers en vele sterns zien.

De boot gaat steeds zo liggen dat iedereen optimaal de kans krijgt om foto`s te maken.

   

Als we na anderhalf uur terugvaren is de lucht betrokken. We lunchen bij Tante Tina en eten datgene wat je moet eten als je in het uiterste puntje van de wereld bent: koningskrab, bereid in een roomsaus met paddenstoelen en vergezeld van een flesje Chardonnay. Het kan slechter.

          

Bij thuiskomst moeten we aan het werk, auto leeghalen en panelen voor de accu verwijderen. Samen met Michel en de campingbaas gaan we op zoek naar een gel accu. We zijn de hele middag bezig maar zonder resultaat.

Van Henk krijgen we zijn kleine elektrische kacheltje te leen. Als we stroom hebben kunnen we de ergste kou uit de auto verdrijven. Wat een heerlijkheid.

Donderdag 25 november
Een rustdag, besteed aan foto’s ordenen, wassen, inlezen etc.

Vrijdag 26 november
Het is ontzettend koud in deze uithoek van de wereld. En omdat mijn donzen slaapzak ouderdomskuren vertoont en niet doet wat hij moet doen, namelijk verwarmen, gaan we in Ushuaia op zoek naar iets beters. Sportzaken genoeg, echter alleen maar slaapzakken met capuchons, echt iets voor Antarctica en daar gaan we niet naar toe.
We vinden een dekbed, eten een lekkere pizza, en gaan dan op zoek naar een ‘gomeria’, een bandenspecialist. We willen weten waarom onze band langzaam leegloopt. Met woordenboek, gebarentaal en de overgebleven kennis van een jaar Spaanse les leggen we uit wat er aan de hand is.

Twee jochies hebben in een mum van tijd de auto op drie wielen, de velg van de band en de oorzaak gevonden: een klein spijkertje… Voor 50 pesos inclusief fooi is de klus geklaard. Wij gelukkig en de jongens ook.

Zaterdag 27 november
Vanuit Ushuaia vertrekken we naar Estancia Harberton, een van de oudste estancia’s van Tierra del Fuego (1884). De onverharde weg gaat door een prachtig landschap en geeft je ook echt het gevoel dat je aan het einde van de wereld bent.

Bij de estancia staat het museum Acutushun, opgezet door een vrouwelijke nazaat van de familie Harberton. Het museum geeft een overzicht van de zeedieren en vogels op Vuurland. De vele skeletten die tentoongesteld worden zijn schoongemaakt en geprepareerd in het ‘Bonehouse’. Een huisje aan zee waar kookpotten staan te pruttelen met resten van dieren in water, kisten met nog schoon te maken schedels  en andere skeletonderdelen. Een heks zou prima bij deze brouwsels passen. En dit alles in een zeer indringende lucht… Het geheel wordt uitgevoerd door vrijwilligers, jonge meiden onder andere uit Zwitserland en Venezuela. Zij wonen, werken en leven voor een maand in het gebouw van het museum.

Na dit leuke bezoek rijden we door naar de estancia, eten daar een heerlijke kop soep om warm te worden en hebben dan een rondleiding van een uur over het hele terrein. De bossen in deze omgeving staan er erg slecht bij. Dit wordt mede veroorzaakt door bevers die jaren geleden door mensen zijn uitgezet en nu een plaag zijn. Het gevolg is dat sommige bossen een sinister schouwspel vormen van kale takken en stronken, het zou een goede inspiratiebron voor beeldhouwen zijn.

ar1210-t018

Vervolgens rijden we door naar Tolhuin om bij de panederia La Union, bekend om zijn lekkernijen, heerlijke dingen te halen en deze ‘s avonds op te camping op te eten.
Op weg naar de camping verliezen we bijna onze band. Hij bungelt aan zijn laatste houvast aan de zijkant van de auto. Gelukkig zit alles er nog in.

Dat is de tweede keer dat we onze band verliezen en hem toch behouden. Op het grote terrein van het Argentijnse Staatsbosbeheer (in de buurt van Tolhuin) zijn prachtige plekken midden in het bos geschikt gemaakt voor kamperen. En hier overnachten wij.

Zondag 28 november
Vanaf Tolhuin gaan we via de route 3 weer terug naar het noorden. Bij de grensovergang naar het Chileense deel van Vuurland komen we weer enkele groepsgenoten tegen. In eigen tempo nemen we de mooie, niet geasfalteerde weg via China Creek en komen voor de tweede keer in Cerro Sombrero aan. Ditmaal overnachten we niet in het hotel maar gebruiken wel de avondmaaltijd.
Het eten is abominabel slecht. We hebben associaties met de Russische gaarkeukens tijdens de Mongolië reis. Veel van het eten gaat terug.

Maandag 29 november
De temperaturen komen niet boven de acht graden en in onze koude camper is het niet behaaglijk. Met een gasje proberen we de ergste kou te verdrijven. Dus doen we in Punta Arenas (Chili) samen met Michel opnieuw een poging een accu te bemachtigen.  Het zoeken naar een gel accu hebben we al gestaakt, we zouden heel blij zijn als we een tractie accu zouden vinden maar ook dat lukt niet.  Een hele middag zoeken levert niets op. Te weinig ampère, de polen aan de verkeerde kant etc.
Dan maar op de terugweg in Puerto Natales een gasje met  Zuid-Amerikaanse aansluiting halen.

ar1210-t078

Om negen uur ’s avonds komen we enigszins  uitgeput op onze overnachtingsplaats aan. Een mooie plek in de vrije natuur, vlak voor Monumento Natural Cueva Milodon. De grot Milodon is in de ijstijd door gletsjermeren uitgesleten en is daardoor een ideale schuilplaats geworden voor mens en dier. Uit onderzoek heeft men kunnen vaststellen dat op deze plek 11.000 jaar geleden al resten van bewoning zijn gevonden evenals overblijfselen van een prehistorisch zoogdier, de Milodon.
Nu prijkt er als teken van vooruitgang een windmolen op het terrein. Door de zeer krachtige wind wordt de kleine turbine tot ongekende hoogten opgezwierd, hetgeen het geluid van een opstijgend vliegtuig geeft. We hebben het gevoel midden in  de startbanen te liggen, terwijl we in feite in het open veld en buiten de bewoonde wereld verblijven. Werkelijkheid en beleving sluiten niet op elkaar aan.

Dinsdag 30 november
Om 8 uur staan wij als eersten in de immense grot. Het is stil en behalve een passerende vos lopen wij hier alleen rond. Een van de voordelen van het reizen in een busje is dat je op de mooiste plekken kunt staan en als eerste of als laatste de bezienswaardigheden kunt bezoeken. Op die manier ontloop je de horden toeristen en krijgt de plek waar jij je bevindt meer overtuigingskracht.

Via een smalle ongeasfalteerde weg langs de kust  gaan we op weg naar Torres del Paine. Nog maar 10 km op weg vanaf ons “vliegveld” realiseren wij ons opeens dat we in Puerto Natales de tank niet volgegooid hebben. Omdat er de komende 350 km geen pompen zijn te vinden, moeten we de 40 km over gravel terug naar Puerto Natales. Met grote snelheid passeert ons een busje, we drukken tegelijkertijd onze handen tegen de ruit, horen een gigantische knal, en kijken om ons heen waar we geraakt zijn. De man staat even op zijn rem maar rijdt dan snel door. Gelukkig valt de schade mee, alleen de linker zijspiegel ligt aan diggelen. Het treft dat we toch naar Puerto Natales moeten en dus meteen de spiegel kunnen laten repareren.

     

Met ducktape wordt het spiegeltje in ons montuur gezet en met volle tank beginnen we opnieuw aan onze tocht naar het Chileense nationale park Torres del Paine.
Deze tocht is een groot feest van groene heuvels en blauwe meren afgezet tegen de besneeuwde toppen van de Torres del Paine. Elke bocht geeft weer nieuwe vergezichten met nog blauwere meren. Bij een van onze fotostops ontmoeten we een groep Nederlanders die het Chileense Vuurland op de fiets veroveren. Een gigantische klus met deze harde wind.

 

Onder aan de toppen van de berg ligt onze camping. Om er te komen moeten we een brug over van 2,10 meter breed. Met ingeklapte spiegels en aan elke kant een paar centimeter speling gaan we stapvoets door de ijzeren constructie. Passagiers moeten uitstappen want bij calamiteiten zit men gevangen in dit hoge ijzeren korset.

Marijke loost me feilloos over dit speelgoedbruggetje. Maar helaas, de twee grotere volkswagens kunnen er niet overheen en moeten hun plannen een beetje wijzigen.

Woensdag 1 december
Het is koud en mist verhult de toppen van de Torres. Toch beginnen de jongsten van ons gezelschap, Edwin en Tineke, aan de acht uur durende tocht naar boven van waaruit men een schitterend zicht heeft op de drie toppen van de berg. Zij volbrengen de tocht, maar hun beloning blijft door de mist achterwege. Wij maken een wandeling lager door het dal. Het is guur en koud weer. De echte diehards in hun tentjes laten zich niet weerhouden om aan de vier- en vijfdaagse wandelingen door de bergen te beginnen. Wij hebben alleen maar medelijden met de mensen in hun koude tentjes.

Donderdag 2 december
Hoewel een iets langere tijd in het natuurpark was gepland, besluit iedereen vandaag weg te gaan en door te rijden naar El Calafate in Argentinië. Ook het laatste stukje Chili is heerlijk om door heen te rijden.

Na de grensovergang naar Argentinië komen we weer in ons bekende pampagebied: eindeloze gravelwegen door een immense vlakte. In de loop van de middag komen we bij onze camping in El Calafate. Een eenvoudige camping met aardige mensen.
Het plaatsje, genoemd naar de blauwe bes calafate, ligt aan de rand van het park Los Glaciares. Het is een gezellig stadje vol eettentjes en outdoor-winkels. Van hieruit vertrekken bussen naar de gletsjers.
We eten ‘s avonds verrukkelijk lamsvlees bij een van de beste eettentjes van El Calafate: Casimiro Bigua. Hij heeft in de hoofdstraat drie zaken: een trattoria, een restaurant met wijnbar en een parilla en asador. Het eerste en vooral het laatste restaurant is ons zeer goed bevallen.

Vrijdag 3 december
Een campingdag met wassen, boodschappen doen, foto’s uitzoeken, internetten en de auto fatsoeneren.

Zaterdag 4 december
Vandaag gaan we naar het nationale park Los Glaciares. Het is het tweede grootste natuurpark van Argentinië en een van de mooiste. Het beslaat ca 600.000 ha waarvan 40 procent bedekt is met ijs. Het is een onderdeel van de grote ijskap over het Andesgebergte en bevat twee grote meren (Lago Viedma en Lago Argentino) en ongeveer 47 grote gletsjers waarvan de grootste de Perito Moreno en de Upsala zijn.

We staan op een  parkeerplaats  vanwaar je van boven op de gletsjer Perito Moreno kijkt. Er is een wandelbrug van 1,5 km langs de gletsjer gemaakt. Als de laatste toeristenbussen vertrokken zijn, hebben wij met onze groep de parkeerplaats voor ons alleen. Ademloos lopen we langs de wit- blauwe muur van ijs. Wat een schitterend natuurverschijnsel. Soms vallen er met donderend geraas stukken wand naar beneden met een kracht die bij mij het beeld oproept van een hevig onweer en bij Marijke dat een deel van de wereld instort. Het ijs verandert door het avondlicht steeds van kleur. Het is fascinerend en we voelen ons bevoorrecht om hier alleen met onze groep van dit schouwspel te kunnen genieten.

We staan illegaal op deze parkeerplaats voor het restaurant en hopen de nacht hier door te brengen. Het is Sinterklaasavond en Michel en Sonja zorgen voor warme chocolademelk, pepernoten en voor ieder een chocolade letter. Wij hebben een Delfts blauwe sleutelhanger met klompjes eraan voor ieder koppel en Karin en Wim hebben ook een cadeautje voor de teams … namelijk dezelfde sleutelhanger met klompjes … Hetgeen Wim doet opmerken dat Sinterklaas kennelijk een beetje seniel aan het worden is. Marion en Frank hebben voor elk tweetal een gedicht aangevuld met een plaatselijke chocolade traktatie en Els en Giel hebben er voor vertrek aan gedacht om nog speculaasbrokken in de auto te stoppen. Zo vieren we ver van huis Sinterklaas op een parkeerplaats met een schitterend uitzicht op de Perito Moreno. En dat is het grootste Sinterklaascadeau van GlobusOverland aan de groep, vinden wij.

Zondag 5 december
Gelukkig zijn we vannacht niet door een parkwachter van onze illegale slaapplek verjaagd en kunnen we voor vertrek nog afscheid nemen van de Perito Moreno. Als afsluiting maken we nog een boottocht langs de gletsjermuur. Onze voettocht langs de gletsjer maakte op ons meer indruk.

Met ons hoofd vol beelden keren we terug naar El Calafate. We nemen nu de iets luxere camping in het stadje. Er is een restaurantje en Wifi tot in de camper en dit laatste is welkom omdat we vandaag de laatste update willen doen.
Onze camping ligt op loopafstand van de vorige. Om half negen ’s avonds drinken we daar met elkaar een whisky met gletsjerijs. Michel en Sonja hebben met de kapitein een deal kunnen sluiten voordat ze beschikking kregen over het 80 jaar oude gletsjerijs. Het is een gezellige afsluiting van een fantastische tocht.

Maandag 6 december
Een drietal campers gaat via de route Austral door Chili naar Bariloche. Zij hebben bij vorige reizen door Argentinië al delen van onze route gereden. En een aantal mensen vertrekt vanmorgen naar Fitz Roy om  bergwandelingen te maken. Wij blijven nog een dagje in El Calafate om de laatste internetklussen te doen. Zo heeft ieder de vrijheid te doen wat hij graag wil en heb je toch de gezelligheid van de groep.
Ook al is het nog  voorseizoen in Argentinië en Chili, toch komt het campingleven al aardig op gang. De sportievelingen met rugzak en tentje vormen de hoofdmoot, daarnaast de groep met huurauto die wel trekt maar aan een goedkope hostel de voorkeur geeft, dan de kleinere busjes en campers zoals de onze, en vervolgens de grote trucks met alles aan boord om in de meest bizarre omstandigheden te overleven. Ondanks deze verschillen is er een gemeenschappelijke overeenkomst, namelijk het reizen. Het geeft aanleiding tot boeiende gesprekken, uitwisseling van gegevens en soms tot uitnodigingen om langs te komen. Hoewel wij de mensen in hun tentjes het meest bewonderen, zijn wij wel zeer blij niet met grote kartonnen dozen te hoeven sjouwen om de kou uit de tent te krijgen.
Er is weer een stormachtig nachtje van windkracht 10 aan ons voorbijgegaan. Het dak klapperde en de bus schudde als een stuurloos bootje op het water. Soms is de storm zo hevig dat we twijfelen of ons dak deze terreur wel aan kan. Tot nu toe zijn alle daken nog in takt, maar de meesten daken gaan wel naar beneden ‘s nachts.

Dinsdag 7 december
Ook wij volgen de groep, zij het een dagje later, naar El Chaltèn, een dorpje onder aan de berg Fitz Roy. Als wij aan het einde van de middag via een prachtige route aankomen, is de wind zo hevig dat we nauwelijks de auto kunnen verlaten, laat staan een wandeling maken. Met een glas wijn zijn we ook tevreden.
We koken met gesloten dak, slapen met het dak omhoog en doen evenals de anderen deze nacht geen oog dicht. Soms moet je in de natuur je meerdere erkennen.

Woensdag 8 december
We gaan terug naar de hoofdweg, route 40, de 5200 kilometer lange autoroute langs de westkust van Argentinië. De weg  voert langs 13 grote meren en passeert 236 bruggen. Men is in 1935 begonnen met de aanleg  van deze verbindingsweg tussen  Zuid- en Noord Argentinië. Op dit moment zijn nog/weer overal wegwerkzaamheden gaande. Het is een route met vele gezichten zowel wat natuur als het wegdek betreft. We passeren  uitgestrekte pampa’s, blauwe meren, afgelegen estancia’s en besneeuwde bergen. En dat alles via glanzend asfalt, brede gravelwegen,  keiendek, modderpaden en asfalt met gaten. De route 40 is onvoorspelbaar en daardoor zo boeiend. Ze wil wel je volledige aandacht. En die krijgt ze van ons, ook al omdat ze met al die veranderingen, omleggingen et cetera ons hele GPS-systeem soms plat legt.

We overnachten  bij de afgelegen estancia Angostura. Het blijft onbegrijpelijk hoe mensen honderden kilometers van de bewoonde wereld verwijderd een bestaan kunnen opbouwen. Ook deze estancia is prachtig gelegen, een beetje in de kom van omringende heuvels. Begonnen als veebedrijf en paardenfokkerij zijn de eigenaars nu overgestapt op het toerisme. Ook dat blijkt een hard bestaan. Alle voorraden moeten van zeer ver gehaald worden, bovendien beslaat het seizoen maar een maand of vier. Hopelijk lukt het hen om via het toerisme te overleven.
Voor ons is het een overnachting op een idyllische plek tussen  rondgrazende schapen,  loslopende paarden en statige flamingo’s .

Donderdag 9 december
We maken op weg naar het noorden een uitstapje naar Cueva de las Manos, de grot van de handen. Hiervoor moeten we vijftig kilometer heen en terug  extra gravel rijden. Het zachte avondlicht zet het glooiende landschap met vele canyons in een sprookjesachtig licht. Uiteindelijk komen we via een wat smallere bergweg bij de grotten aan. Hier hebben  9000 jaar geleden mens en dier een schuilplaats gevonden. De overhangende rotsen boden beschutting tegen de harde wind, de rivier lokte beesten en het is dan ook niet verbazingwekkend dat de eerste bewoners jagers waren.
Deze jagers hebben zo rond 7000 de eerste  handen die je overal ziet en waar de grot zijn naam aan dankt,  geschilderd en wel in de kleuren zwart, wit en okergeel. Pas veel later heeft men ook handen  geschilderd in de kleuren rood. De wandschilderingen zijn goed bewaard gebleven dankzij de afwezigheid van zon en wind, maar ook door de geringe vochtigheidsgraad.

ar-1210-t381

Men hoopt nog meer ontdekkingen te doen en het onderzoek  is nog in volle gang.

Na deze schitterende  tocht door de canyons belanden we op de estancia Casa de Piedra, mooi gelegen maar sfeerloos. Het enige bijzondere is dat het windstil is, dat zijn we niet gewend. Het roept de vraag bij een van onze groep op  of je windstilte ook kunt fotograferen.

Vrijdag 10 december
We tanken in Perito Moreno, checken onze mail en beginnen aan de lange tocht van 450 kilometer  over de route 40. Veel gravel, sneeuw en regen afgewisseld door zon. Maar wel weer mooie canyons in alle kleuren rood.
We staan in Gobernador Costa op een veldje  van de camping municipal. De beheerder heeft de gewoonte om steeds na een bezoek aan het toilet of douche het gebouw af te sluiten, ook ‘s nachts. Vreemde gewoonte.
Bij de briefing horen we dat de groep die de route via Chili heeft genomen in de problemen zit. De motor van de bus van Tineke en Edwin heeft het begeven en ze zijn met de sleepdienst naar een dorpje gebracht waar ze proberen een tweedehands motor te bemachtigen. De andere twee campers zijn op weg naar Argentinië om op de afgesproken tijd in Bariloche te zijn.

Zaterdag 11 december
Marijke en ik besluiten om bij Esquel het nog ongerepte nationale park Los Alerces, aan de voet van de Andes, in te duiken in plaats van de route 40 te nemen. Het wordt een prachtige tocht. De vers gevallen sneeuw van de afgelopen nacht glinstert  op de bergen. De groenblauwe meren met borders van gele brem , diep paarse lupinen , afgewisseld met enkele witte en roze, zorgen voor een orgie aan kleuren. Het kan niet missen, het is hier voorjaar.

ar-1210-t489

Het park dankt zijn naam aan de alerces bomen, behorend tot de familie van de cipressen en samen met de sequoia  de oudste bomen ter wereld. Ze  zijn tussen de 2300 en 3000 jaar oud, groeien ongeveer een millimeter per jaar, kunnen 57 meter hoog worden en een stamdoorsnee van ruim twee meter hebben. Ons busje valt klein uit als ze onder deze grote bomen staat.

Als we een koffiestop maken passeert ons een Argentijnse wagen. De auto stopt, keert en gaat achter onze auto staan. Het blijkt een Nederlands echtpaar met twee kinderen te zijn die zich verbaasd afvroegen hoe een Nederlandse auto in dit park belandt. Zij zijn samen met hun twee kinderen een jaar op reis door verschillende  Zuid-Amerikaanse landen. We wisselen wederzijdse sites uit en vervolgen onze weg.  Dit soort  spontane ontmoetingen maakt reizen leuk.
Rond 8 uur komen we in El Bolson aan. Aan de rand van het stadje vinden we de camping El Chakra, mooi gelegen in het groen. We zijn op drie tentjes na de enige gasten. Om half tien eten we nog even een visje in de stad en vallen daarna moe in ons bed. We vragen ons af waar de anderen overnachten.

Zondag 12 december
Op naar Bariloche, het aan het Nahuel Huapi meer gelegen ski centrum voor de Argentijnse elite en ook Maxima’s favoriete plek. De wat Zwitsers uitziende stad staat bekend om zijn chocolade. Maar wij willen even niets en zijn zelfs met chocolade niet te verleiden om de stad in te gaan. We rijden er doorheen op weg naar camping Petunia. Hier blijven we enkele dagen staan in afwachting van de komst van de anderen.

Maandag en dinsdag 13 en 14 december
We staan op een mooie plek met uitzicht op het meer. En gebruiken de rustdagen om alles in en rond de camper te ordenen, te internetten, verslagen te maken en zelfs een boek te lezen.
De binnenkomende Volkswagen-busjes weten ook de mooie plek met uitzicht op het meer te vinden en aan het einde van de dag heeft de plek de uitstraling van een elitair woonwagenkamp. Overal om ons heen wappert de was. Hele camperinboedels staan rond de auto’s, klaar om gepoetst of opnieuw geordend te worden. Iemand doet een poging om in deze chaos nog te koken en drie loslopende honden maken het leven nog ingewikkelder door precies daar te gaan liggen waar jij moet zijn.
Uiteindelijk weet iedereen zijn eigen chaos weer tot hanteerbare proporties terug te brengen en kan de borrel ingeschonken worden.
Dinsdag aan het einde van de middag arriveert een groot aantal Duitse campers die onderweg zijn met de organisatie Seabridge. Ook zij doen de PanAmericana.

Als wij al deze grote campers zien zijn wij zeer blij met onze kleine busjes. We hebben morgen nog een vrije dag en daarna gaat het richting Chili.