Turkije heen

Zaterdag 15 september
Het is zonnig weer. We vertrekken met twee busjes naar Edirne voor een stadsbezoek. Overal om ons heen priemen de minaretten de lucht in, ze zijn met velen.
Wij hebben kennelijk een gids in opleiding. De informatie wordt of voorgelezen uit de reisgidsen of is afkomstig van spiekbriefjes. Moet kunnen.
In de stad wemelt het van stalletjes met fruit, kleine winkels met zoetigheden en om de hoek van elke straat een warme bakker. De handel is kleinschalig en daardoor erg levendig.
We gaan op weg naar het Beyazit II Külliyesi, een moskee met nevengebouwen (Külliyesi) dat door een muur duidelijk van de omgeving wordt gescheiden.

      

Het geheel is gebouwd tussen 1484 en 1488 door sultan Beyazit II. Het bevat theologische hogescholen, een ziekenhuis met apotheek, een armenkeuken, onderzoekkamers en ziekenkamers.

Het bijzondere van dit complex is dat in de 16de eeuw de patiënten met psychische problemen behandeld werden met alternatieve methoden, zoals aromatherapie en bloemtherapie. Verder werd ook muziek gebruikt als behandelingsmethode.

Het hele complex ademt aandacht voor persoon en detail. Er hangt een heel rustgevende sfeer.

We eten gezamenlijk aan het water en na de lunch bezoeken we de Selimeye-moskee. Deze moskee is de belangrijkste van alle Osmaanse moskeeën en het pronkstuk van de architect Sinan.

De moskee is gebouwd in 1575 in opdracht van Selim II. Sinan was de hoofdarchitect van Selim II. Hij gaf opdracht tot de bouw. In heel Turkije zijn bouwwerken van deze beroemde architect te zien. Hij stierf op 97 jarige leeftijd en liet 131 moskeeën en 200 andere bouwwerken na. Kennelijk kun je oud worden met hard werken. Met reizen red je dat niet!
De moskee heeft vier slanke minaretten en een reusachtige koepel met een doorsnee van 31,28 meter. De ruimte is indrukwekkend.

 

                

Op het plein voor de moskee staat een fontein en hier vinden de rituele voetwassingen plaats.

We hebben een grote groep, dertig mensen, en daardoor gaat er veel tijd zitten in de bus in- en uitstappen, koffiepauze etc. Dat heb ik me nooit zo gerealiseerd. Het is een leuke groep, met aandacht voor elkaar. De begeleiding geeft hierin het goede voorbeeld.

Zondag 16 september
We vertrekken om half negen richting Istanbul. We nemen de autoweg die sinds 2006 klaar is. Het is zondag en er is weinig verkeer op de weg. Via de beschrijving in ons reisboek komen we op een grote parkeerplaats vlak bij de Galatabrug, hartje centrum. Mooier kan het niet.

We hebben een schitterend zicht op de Blauwe Moskee en op de brug. We staan bij de vroegere vrouwengevangenis. Nu wordt het gebouw ook streng bewaakt, omdat er op drie etages mooie juwelen worden verkocht. Bij ons eerste bezoek hadden de verkopers nog het idee dat we sieraden zouden kopen, maar de daarop volgende keren wezen zij al lachend richting toilet. Boven in dit gebouw zit een restaurant en vandaar uit heeft men een prachtig uitzicht over de stad.
We wandelen over de Galatabrug. In het onderste gedeelte van de brug zitten vele restaurants en bovenop de brug staan de vissers met hun hengels arm aan arm te vissen.

Even achter de brug is een vismarkt. De vaak nog levende vis springt en dartelt in de waterbakken. Kleine kinderen kijken gefascineerd toe, een enkeling durft een visje aan te pakken, als het visje begint te spartelen wordt het gillend losgelaten.

          

In de loop van de dag zijn alle campers binnen. Met de camper van Jan zijn problemen. Hij heeft een lekkende radiator. Een garage in Istanbul herstelt dit euvel.

Maandag 17 september
Om negen uur is er een stadsexcursie met Faruk Ayzar, een uitstekende Duitssprekende gids. We rijden langs de oude stadsmuur naar het oudste stadsgedeelte. Hier wonen de minder draagkrachtigen. En in deze buurt staat de Chorakerk (11de eeuw).

De kerk kreeg in de 14de eeuw zijn huidige aanzien, en is vooral bekend om zijn prachtige mozaïeken en mooie fresco’s. In 1511 werd het gebouw een moskee en verdwenen de mozaïeken en de fresco’s onder een laag kalk. De kerk werd gerestaureerd en in 1958 als museum in gebruik genomen.
De mozaïeken zijn van een grote helderheid en vooral de Christusfiguur straalt een imponerende kracht uit.
Hierna drinken we koffie op een mooie plek met uitzicht op de stad.

En vervolgens maken we een wandeling over het, vanwege de Ramadan uitgestorven, hippodroom. Er staat een levensgrote Egyptische obelisk uit de 15de eeuw voor Christus. Door de Byzantijnse keizer Theodosius I is in 390 deze zuil van Karnak naar hier verplaatst.
Dan naar de Blauwe Moskee (1616). Het complex bestaat uit een moskee, een markt, een koranschool en een hospitium en een gaarkeuken. Het is de eerste moskee met zes minaretten in Turkije. In Adana staat de grootste nieuwe moskee van Turkije eveneens met zes minaretten.

De Blauwe Moskee dankt haar naam aan de duizenden faience-tegels, in groene maar vooral blauwe schakeringen, die de koepels en de muren bedekken. Sinds een week is de vloer bedekt met een warm rood, in België gemaakt, tapijt.

 

We lunchen aan de Bosporus en gaan dan naar het Topkapi-paleis. Vijfendertig jaar geleden heb ik hier ook gelopen en de schittering van de kunstschatten staat nog op mijn netvlies. Het paleis is inmiddels goed gerestaureerd en de kunstschatten zijn in mooie vitrines overgebracht.
Vanaf 1453 werd het kleine paleis bij de grote bazaar bewoont en uitgebouwd door 24 elkaar opvolgende sultans. Vierhonderd jaar lang was het de zetel van het Ottomaanse rijk. Regeringszaken werden hier besproken en afgehandeld. Later wordt Topkapi ook de verblijfplaats van sultans en hun familie. In de grote keuken worden de maaltijden voor 3000 personen per dag voorbereid, 600 koks hadden er een dagtaak aan.

            

Het is niet moeilijk om je in te beelden met hoeveel pracht en praal de sultans hebben geleefd, als men langs de met goud en edelstenen bewerkte kunstschatten loopt.
‘s Avonds gaan we samen met Kees en Ank opnieuw naar het hippodroom. Nu bruist het plein van activiteiten. In alle stalletjes wordt het eten voorbereid. Het is zeven uur en om tien voor half acht is het vasten voor die dag afgelopen en mag er weer worden gegeten. Mensen zitten met plastic tassen, waarin hun maaltijd zit, op het gras te wachten tot het sein tot eten gegeven wordt. Als de muezzin vanaf de moskee het einde van de vastendag afroept, begint iedereen tegelijkertijd aan zijn maaltijd. Wij slaan het met verbazing gade. Toch een gekke gewoonte, de hele dag vasten en ‘s avonds gezellig met elkaar uitgebreid eten. Het is een heel sociaal gebeuren, na afloop van het eten gaat iedereen naar de moskee. Wij storten ons ook in de menigte. We wringen ons tussen de propvolle tafels door om op kleine krukjes naast drie jonge echtparen te gaan zitten.

Het blijken studenten Engels te zijn, zodat er toch enige informatie over en weer uitgewisseld kan worden. Het eten is een ramp, de ervaring tussen al deze mensen te zitten uniek. We hebben tot nu toe alleen maar aardige, vriendelijke en behulpzame Turken ontmoet.

Dinsdag 18 september
Om negen uur gaan we met de groep naar de Hagia Sophia. Op de funderingen van drie vroegere kerken is de Hagia Sophia in 537 gebouwd. Er is 5 jaar aan gewerkt door 10.000 werknemers.

                   

De kerk is van een imponerende schoonheid. Het lichtspel door de ramen, de werkelijk unieke mozaïeken waaronder een indrukwekkende Christusfiguur, en de totale compositie maken ons stil.

De kerk vraagt veel onderhoud door het vele vocht in de muren, zodat er altijd stellages in de kerk staan.
We drinken koffie op het terras van “ons” restaurant bij de parkeerplaats en vertrekken daarna met een boot voor een tocht over de Bosporus.

Het is mooi weer en de tocht is ontspannend. We eten verse vis in een visrestaurant.
Als laatste onderdeel van vandaag bezoeken we de grote bazaar. Na 10 minuten zijn Marijke en ik de weg al kwijt. De soek is geheel geplaveid en erg geciviliseerd. Bij zoveel geschitter en overdaad is het moeilijk kiezen. Na 45 minuten verlaten we de soek. We hebben ons gehouden aan het “kijken, kijken, niet kopen”-principe.
Op weg naar huis lopen we door de volksbazaar van de Turken. We komen langs een lekker ruikend baklava-tentje en kunnen de verleiding niet weerstaan enkele baklava’s mee te nemen. Baklava’s zijn koekjes gemaakt van filodeeg, gevuld met gemalen noten en amandelen en daaroverheen veel honing.

Eenmaal op onze “camping” kleden wij ons om en trakteren onszelf op een afscheidsetentje in het restaurant met uitzicht bij onze parkeerplaats. We zijn er rond zeven uur. En ook hier hetzelfde ritueel als in de volkswijk bij het hippodroom, zij het in een iets sjiekere uitvoering. Op lange tafels staan brood, water en salades al vast klaar voor de gasten. Hele families zitten te wachten tot de muezzin vanaf de moskee laat weten dat het tien voor half acht is en men met het eten kan beginnen. Iedereen drinkt eerst water, obers beginnen te rennen want het eten moet tegelijkertijd op tafel komen. Het is een uniek schouwspel. Het gebeurt hier ogenschijnlijk iets beschaafder, maar de procedure is gelijk.
We ontmoeten aan tafel een Australisch echtpaar: zij maken een cruise langs de Middellandse Zee en zijn een week in Istanbul. Ze vermelden dat ook Australië de moeite waard is om te bezoeken.

Woensdag 19 september
Om kwart voor acht is iedereen startklaar om uit Istanbul weg te rijden. We hebben een route beschrijving en ook is mondeling aan ons meegedeeld vooral niet de verkeerde brug te nemen om de stad uit te komen. Deze brug is namelijk voor mensen met pasjes en je krijgt een forse bekeuring als je deze brug neemt zonder pasje.

Wij presteren het, met uitzondering van twee campers, allemaal de verkeerde brug te nemen, inclusief de leiding.
En uiteraard wijten we dit aan de slechte wegaanduiding! Iedereen kan er wel de humor van inzien.
We rijden via de autoweg naar Oost Turkije. We stijgen tot 1500 meter en komen in een groen heuvellandschap terecht. In de buurt van Tesislere bevindt zich onze, nog in aanbouw zijnde, camping de Yaylaclub Mocamp. Een prachtige plek.
‘s Avonds is er een overdonderend koud/warm buffet. En als sluitstuk een grote tafel vol met zoetigheden. Hoe houden we ons gewicht op peil bij zoveel heerlijkheden!

        

Na een rumoerig maar gezellig eten liggen we rond tien uur in bed.

Donderdag 20 september
Rond zes uur staan we op. Het is een halve graad boven nul.
Via weg 750 rijden we verder naar het zuidoosten. We nemen de rondweg om Ankara en rijden verder naar Nevsehir. Het landschap is schitterend en heeft alle schakeringen in bruin en wit. Zo nu en dan zien we wijnvelden. De wegen zijn goed op enkele opgebroken weggedeeltes na.

We komen op een droomcamping terecht: camping Kaya in Cappadocië. We worden allerhartelijkst ontvangen door Yasar, de beheerder, en krijgen een plek met een adembenemend uitzicht toegewezen. Hier willen we wel een week staan. De camping heeft schitterend sanitair, een prachtig zwembad, een winkeltje waar bier en wijn gekocht kan worden en ….. internet. Geweldig! Later horen we dat dit een van de mooiste campings van Turkije is.
‘s Avonds biedt Yasar ons een welkomstborrel aan. Als daarna nog een aantal mensen buitenshuis willen eten, brengt hij ons naar een uitstekend restaurant. Na een voortreffelijk buffetdiner worden we om tien uur weer bij de camping afgezet.

Vrijdag 21 september
Als ik om zes uur uit de camper stap, zie ik boven het dal drie ballonnen zweven. Ik roep Marijke. Als zij buiten komt is het aantal al uitgebreid tot twaalf. Uiteindelijk tel ik twintig luchtballonnen boven het dal! Wat een schitterend gezicht en dan te bedenken dat wij morgenvroeg ook in die positie verkeren.

Vandaag maken we met Yasar als gids een tocht door Midden Anatolië. Er gaat nog een officiële gids mee. Deze man heeft de licentie die Yasar niet heeft, hij krijgt vijftig euro uitbetaald zonder er iets voor te doen. Het enige dat we van hem hebben gehoord is: “I am your guide”. Yasar vertelt met enthousiasme en in uitstekend Duits de geschiedenis van de streek.

Het gebied is ongeveer dertig miljoen jaar geleden ontstaan door uitbarstende vulkanen. In de loop der jaren is het tufsteen (versteende vulkanische as) geërodeerd waardoor opvallende formaties ontstonden. In die rotsformaties zijn woningen gemaakt en kerken gebouwd. De christenen vonden in deze tufstenen onderkomens een veilige schuilplaats voor de aanvallen van de Arabieren in de zevende eeuw.

In Ulichar bezoeken we een grotwoning, zeer comfortabel met keuken, winterkamer en dakterras met een spectaculair uitzicht. Ik zou er kunnen wonen mits er een waterkraan in de buurt zou zijn. Kilometers lopen om water te halen is veel gevraagd. Toch is het voor deze mensen de gewoonste zaak van de wereld, zelfs nu wonen er nog steeds mensen in de grotten. De temperatuur is zomers en ‘s winters bijna gelijk en daardoor aangenaam.

Na een koffiepauze bezoeken we Derinkuyu.
In het gebied rond Nevsehir, de hoofdstad van Cappadocië, zitten rond de 36 ondergrondse steden. Een van de grootste is Derinkuyu, de stad is door een toeval pas in 1963 ontdekt. Het complex van 8 verdiepingen ligt 60 meter onder de grond en men denkt dat er ongeveer 20.000 mensen hebben gewoond. De bovenste verdieping werd gebruikt voor het vee en diende als opslagplaats voor de voorraden. Meer naar beneden bevinden zich de woonvertrekken, de keuken en de kerk. En overal zijn er plekken voor wachtposten gemaakt. De verschillende gangen konden op strategische punten afgesloten worden met een rolsteen die uit de muur kon worden gerold.

        

Ook waren er grote waterputten en luchtkokers die voor licht en lucht zorgden.
Een hele samenleving benutte deze ondergrondse stad als er aanvallen van buitenaf dreigden. Boeiend om door heen te lopen. Ik moet er niet aan denken om hier tijdelijk te moeten verblijven.
We lunchen in de Soganli vallei. Het is een rustig ongerept gebied, er komen niet veel toeristen. Opvallend zijn de wit omrande vogelgaten in de rotsen. Op deze manier willen de bewoners de duiven lokken. Duiven zijn voor deze mensen, zelfs nu nog, “heilige vogels” die je in elk geval moet beschermen.

Onze lunches zijn uitgebreide warme maaltijden, er is soep, salade en kebab. En dit alles wordt buiten op een schaduwrijke plek onder een grote boom geserveerd.
Van hieruit maken we een wandeling langs diverse in de rotsstenen uitgehakte en van fresco’s voorziene kerken.

             

De zeer oude fresco’s worden niet beschermd en bewaakt en vandalen hebben met graffiti heel veel fresco’s beschadigd. Je kunt nog zien hoe mooi de fresco’s zijn geweest.

We gaan terug naar de camping, maken een praatje met een Nederlands echtpaar, ontmoeten Bas die tot onze stomme verbazing vraagt of wij de “womenonwheels” zijn. Op onze vraag hoe hij daarbij komt, antwoordt hij: “ik zag een volkswagenbusje met een band op het dak en kisten achterop en een Nederlands nummerbord en dacht dat moeten die vrouwen zijn …. Hij had onze reisverhalen gelezen en kende een stel van onze reisgenoten van de Mongoliëreis. De wereld is klein.
We werken aan onze website, genieten van de ondergaande zon en liggen om tien uur op bed. Morgen vertrekken we om vijf uur voor de ballonvaart.

Zaterdag 22 september
We worden met een busje opgehaald. Bijna de hele groep gaat mee. Yasar begeleidt ons naar het terrein. Doordat we zo vroeg zijn, de zon moet nog opkomen, kunnen we het hele proces van voorbereiding meemaken.
De grote lappen van de ballon liggen op de grond, de lucht wordt er met veel kracht ingeblazen. Het personeel is alleraardigst en geeft ons de ruimte om foto’s te maken, zelfs in de ballon.
Het is een spectaculaire gebeurtenis.

              

Twintig mensen klauteren in een mandje, niet allemaal de jongste, het duurt even voordat we onze stijve benen over het hoge mandje hebben getild. Het mandje is verdeeld in vijf compartimenten, één voor de captain en vier voor de ballonvaarders. Veel ruimte is er niet. Sommigen mensen hebben hoogtevrees. In Nederland heb ik een ballonvaart steeds afgehouden, veel te bang om bij terugkomst in de elektriciteitsdraden terecht te komen. En hier, ach, er zijn minder draden.

     

Eenmaal los hebben we een schitterend zicht op alle rotsformaties onder ons en op de ons omringende twintig andere ballonnen. Cappadocië is schitterend, je weet niet waar je kijken moet. De opkomende zon, het heldere weer, de ruimte om je heen. Het is een morgen met een gouden randje.

           

Na een uur zet de piloot de ballon weer op de oplader van de auto. Dat is nog een stuurmanskunst.

       

We krijgen een glas champagne (acht uur ‘s morgens), hoort bij de traditie, en een officieel certificaat van onze ballonvaart.
We gaan terug naar de camping. Iedereen is al weer startklaar om te vertrekken. Binnen tien minuten zijn alle campers weg. Wij ontbijten en genieten nog van het uitzicht. Met onze snelle auto hebben wij die grote campers zo ingehaald. Rond tien uur gaan wij richting Adana.
Onze overnachtingsplek is het motel Greenclub in Adana.We staan met zijn allen rond het grote zwembad. Wat een luxe! Bijna iedereen duikt het water in.

We internetten en zetten ons verslag van Roemenië en Bulgarije op de site.

Zondag 23 september
Het is om 9 uur en al 28 graden. We willen vandaag naar Iskenderun, een plaatsje voor de grensovergang met Syrië. Het is allemaal autoweg en we zijn dan ook vroeg in de middag op een camping, die eigenlijk al geen camping meer is. Er wordt een autoweg aangelegd en de campingbaas raakt een gedeelte van zijn mooie plek kwijt. Wij zijn de eersten en twijfelen even of het wel de goede plek is. We vragen of we kunnen staan en zeggen dat er nog veertien campers komen. Hij glundert, begint als een razende te bellen. Binnen tien minuten staat er iemand de toiletten schoon te maken, krijgen wij een fles gefilterd kraanwater en is er elektriciteit geregeld.
Als wij onze camper richting zeezicht hebben geparkeerd worden we nog getrakteerd op vier limoenen en verse vijgen. Wat een hartelijkheid!

’s Middags is er een korte briefing over de grensovergang. We krijgen precies die informatie die we nodig hebben en een plastic zakje met onze naam en kenteken van de auto erop, waar al onze documenten in moeten. Het benodigde geld voor de WA-verzekering wordt opgehaald, Dorus en een gids bij de grens zullen de grensformaliteiten voor ons afhandelen.
Onze aardige campingbaas zorgt voor verse vis en terwijl wij met de voorbereidingen voor onze site bezig zijn, maken een paar mensen de maaltijd klaar en worden wij uitgenodigd om aan te schuiven. Met zijn zessen genieten we van een heerlijke maaltijd, waarschijnlijk moeten we een tijdje wachten totdat we weer verse vis krijgen.

        

Naar verslag Syrië