Van Griekenland naar België

Zondag 28 oktober
Zonnig maar koud. De 10 graden waar we mee starten lopen op tot 17. We rijden nog steeds de E90, een goede maar saaie weg, naar de grensovergang. We komen vlotjes in Griekenland en worden daar begroet met: ”Welcome in Greece, ladies; where are your husbands?” “We lost them in Syrië!”
Via een “autovrije” autoweg gaan we richting Thessaloniki. We overnachten in Kavala op camping Batis. Het is naseizoen en wij zijn de enige gasten. Het weer betrekt. Iedereen gaat langzaam over op warmere kleding.
Wij gaan de auto fatsoeneren en onze website bijwerken. Om ons heen proberen draaiende schotels de juiste positie te vinden voor een goed satellietontvangst. De voetbalwedstrijd vanavond mag / kan niet gemist worden …
Wíj liggen om halftien in bed.

Maandag 29 oktober
Om halfzeven rollen we slaperig ons bed uit. Ons doel vandaag is de hoofdstad van Servië, Skopje. Boven Thessaloniki nemen de meeste campers de E75 naar de Servische grens.
Wij willen naar Pella en hebben op de kaart gezien dat het mogelijk is via binnenwegen weer op de hoofdweg uit te komen. De opgraving levert enkele fraaie vloermozaïeken op.

         

Het terrein bruist van de activiteit. Tientallen archeologen zijn bezige aarde van stenen te verwijderen. Het lijkt mij een spannende job. Het museum komen we helaas niet in want … het is maandag.
We hebben moeite om via de gele binnenweggetjes de E75 terug te vinden. Daar waar de bewegwijzering ontbreekt, wordt de leemte opgevuld door bereidwillige Grieken die ons voorrijden tot aan de hoofdweg.
In de loop van de morgen krijgen we een sms’je van Jan en Gerrie dat ze de groep verlaten hebben en met de boot via Italië teruggaan naar huis. Enige onvrede met de gang van zaken deed hen dit besluit nemen. Jammer dat we geen afscheid van hen hebben kunnen nemen.

Het is troosteloos, druilerig weer. De vele katoenvelden en de daarbij horende grote opslagcontainers liggen er verlaten bij.
Moeiteloos nemen we de grens naar Servië, misschien is een uitwisseling tussen Syrische douaniers met de Griekse en Servische douaniers een optie? Voor ons reizigers zou het leven er aangenamer door worden.
Om vier uur zijn we in Skopje, denken wij… Onze mede camperaars maken ons echter duidelijk dat de klok sinds gisteren twee uur is teruggezet. Nu begrijpen wij waarom iedereen vanmorgen bij ons vertrek nog in diepe rust was. Wij begrepen al niet waarom de mensen zo laat waren!
We staan op de parkeerplaats van Hotel Camping Belvi in Skopje. Wij hebben als groep de beschikking over twee huisjes waarin we kunnen douchen.
’s Avonds is in het grote lege hotel een eten voor ons georganiseerd, een lopend buffet met goede rode wijn.

Dinsdag 30 oktober
Om negen uur vertrekken we met een touringcar naar Skopje. Wij vinden het een grauwe stad met weinig uitstraling.

We lopen langs de oude stadsmuur en worden rondgeleid door een wat oudere vrouw die met veel liefde vertelt over de bewogen geschiedenis van haar land.

We bezoeken het museum van Skopje, een onooglijk gebouw, waar de folklore van het leven in de verschillende delen van Macedonië wordt uitgebeeld. Opvallend zijn de schitterende handbewerkte klederdrachten.
Wij worden in het museum rondgeleid door een jonge gids die in rap Engels veel vertelt. Als wij vragen om een iets langzamer tempo, zegt hij in de hem toebedeelde 35 minuten zijn verhaal niet kwijt te kunnen. Zijn uitvoerige uitweidingen doen mensen afhaken en na 10 minuten lopen er nog 7 van de 28 groepsleden met hem mee. Wij willen meer van het museum zien, maar vinden dat wij het niet kunnen maken om óók nog weg te lopen. Na 35 minuten hebben we een kwart van het museum gezien en zijn we de rest van de tentoongestelde zaken in looppas voorbij gestruind.

We bezoeken daarna de kerk van de Sveti Spas (The Holy Saviour). De fundamenten van deze kerk gaan terug tot in de veertiende eeuw. In de zeventiende en het begin van de achttiende eeuw is op deze oude fundamenten een nieuwe kerk gebouwd. Het meest opvallend in deze kerk is de prachtig uitgewerkte houten iconostase van de gebroeders Filipovski. Een schitterend staaltje volkskunst. Aan de wanden hangen verfijnde iconen.


Op het plein voor de kerk staat de tombe van de Macedonische revolutionair, Goce Delčev.
We genieten van een heerlijke lunch in een Macedonisch restaurant. Horen mooie volksmuziek en kopen de cd.
De gids vertelt dat Macedonië veel zigeuners en drugverslaafden kent. Het gemiddelde inkomen ligt rond de 120 euro. De uitgaven beslaan echter driemaal het maandinkomen. Bijna iedereen heeft twee banen. De mensen hebben een zwaar leven en stralen dit ook uit. We zien mensen in afvalbakken rommelen en vrouwen met kinderen bedelen.
We hebben genoeg gehoord en gezien en willen even helemaal niets meer. We zijn blij als we om vier uur in onze camper zitten en naar klassieke muziek kunnen luisteren.

Woensdag 31 oktober
We vervolgen om acht uur in de stromende regen onze reis naar het noorden. We zitten nog steeds op de E75 en er moet tol betaald worden. En niet zo weinig: de grote campers vallen in categorie 3, dat wil zeggen 88 euro tol. Wij zijn niet van plan dit bedrag voor onze kleine auto neer te tellen, temeer daar op de groene kaart categorie 2 (personenauto evt. met aanhanger) staat en wij in Europa altijd onder deze categorie vallen. We ondervonden bij een voorgaande tolpoort ook al moeilijkheden, maar met veel overredingskracht van onze kant werden we toen in categorie 2 ondergebracht. Nu echter geeft het meer problemen, de tolbeambte blijft bij categorie 3. Wij verzoeken om zijn chef, er wordt gebeld. De rij achter ons wordt ongeduldig en begint te toeteren. We proberen ons hiervoor af te sluiten, hetgeen niet gemakkelijk is. De chef, een jonge vent met kaal hoofd, arriveert. Hij heeft geen boodschap aan wat er op mijn groene kaart staat. Ik moet betalen voor een grote vrachtwagen. Ik zeg dat mijn auto in Europa bijna altijd onder personenauto’s valt. Zijn antwoord: ”Wij zijn geen lid van Europa, we hebben eigen regels en u betaalt voor een vrachtwagen.” Er blijft niets anders over dan betalen. We weten wanneer we bakzeil moeten halen. Voor de eerste keer lijkt het alsof we een grote camper hebben!
Ondanks de herfstkleuren ziet het landschap er donker en grauw uit. We rijden door een gebied waar zich veel ellende heeft afgespeeld. De mensen komen afstandelijk over.

We rijden via een mooi stuk autoweg van de E75 dwars door Belgrado en belanden op een buiten gebruik zijnde camping. Het gras is te sompig om op te staan en iedereen plaatst zijn camper op de geasfalteerde paden. We bakken onze lamskoteletten en liggen vroeg in bed.

Donderdag 1 november
We gaan met bus en groep om halftien naar Belgrado en maken een rondtour door de stad. We bezoeken de vestingsmuren en de Grieks orthodoxe kerk. We hebben ons net op een bankje in de kerk geïnstalleerd om de omgeving op ons in te laten werken als we de kerk weer uit moeten. De bus kan niet langer op de plek voor de kerk op ons wachten, er geldt een parkeerverbod. Dan maar de bus weer in. Ik geloof dat het een aardige kerk was. We drinken koffie en struinen met de gids door de stad.

Er zijn veel sjieke winkels met hoge prijzen. We vragen ons af wie al dit moois kan kopen als je bedenkt dat het gemiddelde inkomen 300 euro per maand is. Kennelijk zijn er mensen die veel en veel meer verdienen.
Ondanks deze contrasten vinden we Belgrado een bruisende en levendige stad. Er zijn veel sfeervolle  terrassen en pleinen en heel veel eettentjes. Een leuke stad voor een langer verblijf.
In een van deze leuke eethuizen hebben wij onze lunch. Een zware lunch met veel vlees. Halverwege de maaltijd komt er een groep muzikanten binnen, beginnen met verve te spelen en houden niet meer op. Wat een virtuositeit en passie. Zij hebben plezier in hun spel en wij genieten van deze verassing.

Als we met het dienblad van de ober rondgaan om geld voor hen op te halen, zien ze dit met welgevallen aan.
Na de lunch hebben we een uur tijd om boodschappen te doen, daarna maken we nog een tocht door het gebombardeerde gedeelte van de stad. Een deel van het puin blijft liggen als herinnering aan deze verschrikkelijke oorlog. Nu maar hopen dat het helpt.
Vol met indrukken gaan we naar onze camper. Morgen is onze laatste dag met de groep.

Vrijdag 2 november
Onze gezamenlijke reis zit er bijna op. Het stemt ons weemoedig. We beginnen aan het laatste stuk van Belgrado naar Szeged, ongeveer 216 kilometer. Nog steeds is het de E75 die we volgen.

Zo’n 85 kilometer voor de grens passeert een grote vrachtwagen ons en door de druk schiet ons dak omhoog. We houden stil op het erf van een boer. We wijzen naar ons dak en zeggen dat er problemen zijn. Zonder onze uitleg is het ook duidelijk dat je met een omhoogstaand dak, ook al is het maar 25 cm, niet kunt rijden. Het duurt een tijdje voordat we de oorzaak hebben achterhaald. Een afgebroken pin van het dakmechanisme.

We bellen Amersfoort (VW-campercentrum) en krijgen het advies naar een garage te rijden omdat met dit mankement de lange afstand naar huis problemen op zal leveren. Tot aan Szeged moeten we het op eigen houtje redden. We zetten het dak met een spanband aan een van de stoelen vast en bij elke langsrijdende vrachtwagen hangt Marijke aan het handvat van het dak om tegengas te geven. Gelukkig is het vrachtverkeer op deze weg beperkt. Ons vertrouwen in de degelijkheid van Volkswagen heeft een klein deukje opgelopen.
Als wij op Camping Hotel Napfeny aankomen en onze problemen vertellen gaan Dorus en Joop aan de slag. Marja heeft inmiddels een tafel met glaasjes ouzo en kaas buiten gezet. Terwijl Dorus en Joop aan onze auto bezig zijn, verwarmt de rest zich met een drankje. Binnen een uur hebben beide mannen een noodvoorziening aangebracht die klinkt als een klok. Met deze oplossing durven wij naar Nederland te rijden.
’s Avonds is er een gezellig afscheidsdiner. Dorus geeft een kort overzicht van de reis en Henk bedankt namens de groep Dorus en Marja voor hun inzet en goede zorgen. Nelie geeft in dichtvorm een terugblik op onze reis.

 

Met een attentie van Marja en Dorus gaan we, nadat we van iedereen afscheid hebben genomen, naar onze camper terug.
We hebben genoten van deze reis. De vele culturele hoogtepunten, de natuur, het reisgezelschap en vooral de inzet en betrokkenheid van de reisbegeleiding. Zij waren continu bezig om te zorgen dat de deelnemers een fantastische reis kregen. Hoe anders waren onze ervaringen tijdens de Mongolië-reis.
Morgen in alle vroegte vertrekken we richting België.

Zaterdag 3 november
Om halfzes staan we op. Het is koud, mistig en bewolkt buiten. We willen vandaag  een behoorlijke afstand afleggen. We nemen de snelweg van Szeged naar Boedapest, dan de M1 naar de grens met Oostenrijk en vandaar gaan we verder via de A4 richting Wenen en de A1 naar Linz. Bij Passau rijden we Duitsland binnen.
Na 1116 km houden wij het voor gezien. Campings zijn in dit jaargetijde niet open en voor onze overnachting maken we gebruik van een advies van Henk om een “Autohof” te proberen. Het zijn restaurants gelegen naast, maar niet direct aan, de snelweg met bewaakte parkeerplaatsen en douchemogelijkheden. Er is een winkel met de noodzakelijke benodigdheden voor onderweg. Omdat het kleinschalig en meestal een familiebedrijf is, heeft het een heel andere uitstraling dan de grote ketens aan de snelweg. Wij vinden het een aanrader.
Wij eten nu eens een echte goede wienerschnitzel met frites en slapen voor het eerst met ons beiden op een parkeerplaats bij de autoweg en voelen ons volkomen veilig. Onze Autohof lag tussen Nürnberg en Würtzburg (A3 afslag 77).

Zondag 4 november
Om zeven uur vertrekken we vanaf onze overnachtingsplek. Het is vijf graden. Er zijn nauwelijks auto’s op de weg, wat een luxe. Een van de grote voordelen van vroeg opstaan en op zondag rijden.

Met ambivalente gevoelens rijden we het laatste stuk naar de Ardennen. Blij weer thuis te komen, maar ook spijtig dat deze reis weer achter ons ligt. We hebben intens genoten van onze reis naar Syrië en Jordanië. Als we rond twaalf uur in Solwaster aankomen maken we weer de omschakeling naar het leven van alle dag.

Inmiddels zitten we aan het einde van het oude jaar en hebben ons verslag van de reis naar Syrië en Jordanië afgerond. We nemen de tijd om alles te laten bezinken en onze reisverslagen eens terug te lezen.
Begin mei starten we met onze reis naar de Noordkaap en IJsland. Jullie kunnen ons dan weer volgen op onze site.