Van Albanië naar Tsjechië

Zondag 25 tot dinsdag 27 augustus
Deze dagen verblijven wij op Camp Arbi. De camping te Pagradec is een familiecamping en dat is duidelijk te merken. Iedereen heeft zijn eigen taken. Alles is goed verzorgd van toilet tot tuin tot restaurantkeuken. Nergens hebben wij het in Albanië zo schoon aangetroffen.
Van de weeromstuit komt ons familiebedrijfje ook in actie. Kamer, gang, keuken, douche en slaapkamer krijgen een sopbeurt. Binnen drie uur is het hele huis weer schoon. De afmetingen zijn voor ons ook te overzien, daarom reizen wij zo graag …
Toch heeft de camping  twee nadelen: om te kunnen zwemmen moet je ver het meer in lopen en het water is niet al te helder. Onder de parasol op het schone strandje lezen wij echter uren in onze boeken en vergeten de hele omgeving. Wat een leven hebben wij!

Soms reizen wij en dat is vaak afzien, soms houden wij vakantie en dat is relaxen en soms, zoals op deze reis, doen wij beiden.

Macedonië
Woensdag 28 tot vrijdag 31 augustus
Om de toeristenstroom in Sveti Naum voor te zijn passeren wij rond acht uur de grens met Macedonië. De chagrijnige douaniers tonen zich niet ontvankelijk voor onze stralende lach en wij niet voor hun slechte humeur.
Wij zijn de eerste bezoekers op de dan nog lege parkeerplaats. Via een groot vakantiepark bereiken wij het klooster en het orthodoxe kerkje opgericht in 905 door St Naum.

Het is van binnen een juweeltje, versierd met fresco’s en een weelderige iconostase. En wij staan er alleen!

De heilige ligt hier begraven en bij het weggaan zien we mensen binnenkomen die direct hun oor op het graf van de heilige leggen. Buiten lezen wij dat de dorpsbewoners beweren dat je zijn hart kunt horen kloppen …
Het klooster is inmiddels in een hotel veranderd en de vele souvenirstalletjes doen vermoeden dat er in de zomer heel wat bezoekers naar deze mooie plek aan het water komen.

Op weg naar onze camping in Struga zien wij in het meer van Ohrid nog enkele paalwoningen liggen. Misschien ook iets voor Nederland met ons ruimtegebrek.
Onze camping Sunrise, voorbij Struga, ligt mooi. Het water is helder en diep.

Het restaurantje serveert simpele warme gerechten. Een prima plek om enkele dagen te verblijven. 

Vanuit de camping lopen wij via een smal pad tussen de rietstengels naar het plaatsje Struga. In de plaatselijke supermarkt doen wij onze inkopen en laten ons met de taxi terug naar de camping brengen.

Na enkele dagen lezen en zwemmen zijn wij klaar om verder te reizen.

Servië
Zondag 1 september
De aftandse autoweg die ons naar Skopje moet brengen heeft betere dagen gekend, de bochten liggen slecht en de markeringen zijn nauwelijks te zien. Hetzelfde geldt voor de verkeersborden. De tolpoortjes zijn zo talrijk dat als je net de 100 km hebt bereikt je alweer moet afremmen om de volgende donatie te doen.
Als wij uiteindelijk de grens met Servië naderen, belanden wij in een grote chaos.

 

De auto’s staan vier rijen dik, worden om onverklaarbare redenen tot twee rijen ingedikt om vervolgens weer tot drie uit te dijen. We wachten uren en er is niemand die het geheel coördineert. Als iemand uit pure frustratie zijn claxon gebruikt groeit het uit tot een groot wanhopig concert waar iedereen aan mee doet. Toch lucht dit op en de mensen kijken elkaar weer lachend aan.
Bij de controle van de paspoorten verbaast de douanier zich over mijn lange achternaam. Ja, als je mijn drie voornamen in een adem aan mijn achternaam plakt kom je uit tot adelijke afmetingen. 

Aan het einde van de middag komen we aan in Vranje bij camping Enigma. Tot onze verbazing is de camping overvol vanwege twintig NKC-campers. Dit leidt ’s avonds in het restaurant, waar de veertig mensen eten, tot lange wachttijden voor de andere gasten. Als na een uur onze maaltijd nog niet klaar is, komt de baas ons een halve liter wijn aanbieden voor het ongemak. Dit gebaar kunnen wij waarderen.
Omdat wij niet met de pinpas kunnen betalen en geen euro’s meer hebben worden wij gratis naar een pinautomaat in de stad gereden. Daardoor kunnen wij nog enkele dagen op deze prima camping doorbrengen.

Tijd om foto’s te ordenen en te bekijken wat onze nieuwe dashcam heeft opgenomen. Als Marijke het geheugenkaartje in de dashcam wil terugplaatsen valt het precies door een gleuf onder de bestuurdersstoel en wordt het volkomen onbereikbaar voor ons. De bestuurdersstoel demonteren zien wij niet zitten. En een man die dat zou kunnen hebben wij niet in de buurt!

Op de camping worden wij aangesproken door een Nederlands echtpaar dat ons vraagt of wij de zijderoute hebben gereden. Wij komen hen zo bekend voor. Uiteindelijk blijkt dat zij op een beurs onze fotoboeken bij Expedition far East hebben ingezien! Wij hebben hen enthousiast gemaakt om deze reis bij Hans en Nancy te boeken.

Woensdag 4 september
De temperaturen zakken, de bewolkte hemel en 17 graden doen ons rillen. Ons lichaam past zich maar langzaam aan. Om acht uur starten wij onze rijdag richting Szeged. De autoweg is rustig en van een goede kwaliteit. Aan weerszijden van de weg staan enorme velden vol uitgebloeide zonnebloemen afgewisseld door graanvelden. Het hele gebied langs de E75 is voornamelijk landbouwgrond.

Vlak voor Szeged gaan wij bijna geruisloos de grens naar Hongarije over. Geen douanier te zien, maar ook geen mogelijkheid een vignet te scoren. Dat laatste lukt ons pas bij een benzinepomp aan de autoweg, nog net op tijd.
Na 560 kilometers komen we (voor de derde keer) in Szeged aan. Als we voor een tunnel staan, op zoek naar onze camping, zie ik dat een stuk van het dak zeker niet meekomt als ik probeer er onderdoor te rijden. Marijke zoekt de hoogte van de tunnel en die staat aan de andere kant van de weg. Logisch toch! Hoogte 2,55 m en wij zijn 2,65 m.
Het duurt even voordat wij een andere toegangsweg naar de camping hebben gevonden en dan herinneren wij ons dat dit de vorige keer ook problemen heeft gegeven. Het beeld van het camping-complex met de mistroostige sfeer van het communistisch verleden komt weer op ons netvlies terug. Een veilige overnachtingsplek, maar leuk is anders.

Donderdag 5 en vrijdag 6 september
Bij onze voorbereidingen van het verdere verloop van de reis stuiten wij op camping Matra Sasto bij Gyöngyös. Een groot hotelcomplex aan een schitterend park met wellness-mogelijkheden.
Als wij er zijn wordt er net een weekend teambuilding georganiseerd voor vertegenwoordigers van diverse biermerken. In grote pannen wordt buiten een maaltijd voor honderd mensen klaargemaakt. Omdat wij met onze camper zeer dichtbij de grote goulashpan staan, levert dit een ook voor ons een heerlijke maaltijd op. 

     

In het wellness-centrum is men minder toeschietelijk. Er kan niet met kaart noch met euro’s betaald worden en Hongaars geld hebben wij niet. Dan maar geen duik in het thermaalbad, maar wel een wandeling door het mooie park.
Het is opvallend dat wij noch moslims noch donker getinte mensen tegenkomen. De ene man in het park die de uitzondering was, werd verbaasd nagekeken door twee tieners die een foto van hem wilde maken maar het uiteindelijk niet durfden. 

Hongarije
Zaterdag 7 en zondag 8 september
Snelwegen hebben wij genoeg gezien en daarom nemen wij de kleine weggetjes dwars door het binnenland van Hongarije. Het is voor ons een verademing en zowel de gele als de witte weggetjes op de kaart zijn prima te rijden. Voor geïnteresseerden: bij Balassagyarmat nemen we de grensovergang naar Slowakije en rijden via Sahy naar Nitra (wegnummer 51) en vervolgens via de hoofdweg (E571) naar Bratislava.
Onderweg zien wij de politie bezig om de naweeën van een verkeersongeluk weg te werken. Wij zijn heel verbaasd als hij ons van de weg haalt en gebaart uit te stappen en dat niet op een al te vriendelijke manier. Hij gebaart mij met het gezicht naar de camper te kijken, maar ik zie niet wat hij ziet. Gelukkig komt er een fietser aan die Engels spreekt en zegt dat er een lampje van het voorlicht stuk is. Ik lach naar de agent en mime dat ik het begrijp, en zowaar er kan een lachje af. We mogen weer verder.
Uiteindelijk komen wij net voor donker op stadscamping Senec terecht. Wij zijn de enige camper en de plek voelt niet prettig aan. We zetten de camper op verschillende plekken neer, maar wij blijven beiden onzeker. De mededeling de camper niet onbeheerd achter te laten en de diverse types die er rondlopen doen ons besluiten, hoewel het al bijna donker is, toch nog te vertrekken van deze camping. Autocamp Zlaté Piesky is een betere keuze, het staat vol met campers en er is een uitstekende tramverbinding met Bratislava.

          

 

Bratislava is een mooie stad met prachtige pleinen en statige gebouwen. Een stad met allure zoals Praag dat ook heeft, een stad die leeft. Artiesten op vele hoeken van de straat, levensgrote schaakspelen waar iedereen gebruik van kan maken en kunstwerken die het geheel opfleuren. Zoals het plafond van paraplu’s en de rieten vrouwenfiguren. En eindeloos veel eettentjes die de hele dag door hun waren aanbieden.

Zitten op een terras en al die mensen aan je voorbij zien komen is enerverend. We kijken met verbazing hoe mensen selfies maken, op de meest gekke plaatsen en in potsierlijke poses. Het blijken vooral Koreanen te zijn die er heel vaardig in zijn. Ons lukt het nog steeds niet, blijkbaar hebben wij er geen aanleg voor.
Na onze wandeling langs de Donau belanden wij via TripAdvisor bij bistro Gatto Matto, een Italiaans restaurant midden in het centrum waar wij voortreffelijk eten. Als de buien losbarsten zijn wij net op tijd op onze camping teruggekeerd.

Tsjechië
Maandag 9 september
Het weer verandert en het wordt kouder. Wij kunnen er moeilijk aan wennen. En op een regendag als deze kun je het beste gaan rijden.

Wij gaan Tsjechië in en rijden naar camping Hana, ten westen van Brno. Met ons hebben twintig campers en caravans van de ANWB dezelfde stek opgezocht. We zoeken uitvoerig naar een plek waarvan wij weten ook bij regen zonder problemen te kunnen vertrekken.

Dinsdag 10 tot zaterdag 14 september
En dat lukt ons. Na een bezoek aan supermarkt Albert, dat onze eigen Albert Heijn blijkt te zijn, komen we aan de rand van Praag bij camping Sokol Praha aan. Het is hier tjokvol en wij krijgen  de laatste plaats toegewezen.
Het is mijn derde en Marijke’s tweede bezoek aan Praag, en dat maakt dat niets hoeft maar alles kan.

Wij genieten om in eigen tempo door de stad te slenteren. Op een terras hartje centrum een cappuccino te drinken die ons 5,40 euro kost en wij vragen ons af of Amsterdam ook deze prijzen hanteert. Als wij daarna bij een Italiaan een verrukkelijke dorade eten en er een glas witte wijn bij drinken is het maar goed dat wij pas bij de afrekening zien dat de wijn 7,80 euro per glas kost.  Overal zegt men bovendien met nadruk dat de bediening er niet bij inbegrepen is.
Bij mijn laatste bezoek aan Praag heb ik kristallen wijnglazen gekocht die inmiddels allemaal gesneuveld zijn. Nu heb ik twaalf nieuwe glazen aangeschaft, daar moet ik de negentig toch mee kunnen halen.
Genietend lopen wij meerdere keren door de oude binnenstad. Bewonderen de vele gebouwen en kerken in de diverse stijlen. Bezoeken uitvoerig het oude stadscentrum waar straatartiesten proberen tussen de honderden toeristen hun acts zichtbaar te houden. Lopen over de Karelsbrug en het Joodse kerkhof, om daarna uitgeput in trein en tram te stappen.
Praag is een geweldige stad om steeds weer naar terug te keren.

Na twee dagen Praag werken wij op de camping aan onze site, in de hoop dat we die ondanks slecht internet in Tsjechië kunnen updaten. Om daarna via Theresienstadt en Dresden richting huis te rijden.

Van Tsjechië naar Nederland